Wetgeving
Jongeren onder 18 jaar
Werknemers jonger dan 18 jaar mogen geen gevaarlijk werk verrichten. Om deze bepaling goed te kunnen naleven moet u weten welke risico’s in uw bedrijf aanwezig zijn en in hoeverre de jongere die bij u aan de slag gaat met deze risico’s geconfronteerd zal worden. Wat juist onder gevaarlijk werk verstaan wordt, kan u nalezen in de bijlage van het koninklijk besluit van 3 mei 1999 betreffende de bescherming van jongeren op het werk.
We geven hieronder de belangrijkste elementen uit de bijlage weer.
- Arbeid die blootstelling meebrengt aan chemische, fysische en biologische agentia
Voorbeelden: - ioniserende stralingen
- werk in een omgeving met overdruk
- bepaalde virussen en bacteriën
- enkele geklasseerde gevaarlijke substanties zoals cancerogenen, stoffen en bereidingen die zijn ingedeeld als giftig (T), zeer giftig (Tx), bijtend (C), ontplofbaar (E), schadelijk (Xn) of irriterend (Xi), ...
- Arbeid waarbij het niet mogelijk is door analyse vast te stellen of de grenswaarden voor bepaalde chemische agentia (lood of loodverbindingen, kwik of kwikverbindingen, koolstofdisulfide, arseenverbindingen, fluor en zijn verbindingen, tetrachloorkoolstof, tetrachloorethaan, pentachloorethaan, benzeen) voortdurend worden nageleefd;
- Bepaalde werkzaamheden:
- arbeid die hun krachten te boven gaat, hun gezondheid bedreigt of hun zedelijkheid in gevaar brengt;
- vervaardiging, gebruik, distributie met het oog op het gebruik, opslag en vervoer van springstoffen of van projectielen, ontstekingsmiddelen of diverse voorwerpen die springstoffen bevatten;
- arbeid in persluchtcaissons en onder overdruk;
- werk waarbij gebruik gemaakt wordt van apparaten voor de vervaardiging, de opslag of het vullen van reservoirs met ontvlambare vloeistoffen en met samengeperste gassen, vloeibare of opgeloste gassen;
- werkzaamheden die een ernstige brand of zware ontploffingen kunnen veroorzaken;
- grond- en stutwerk, werk dat instortingen kan veroorzaken;
- ondergrondse arbeid in mijnen, groeven en graverijen;
- besturen van graafwerktuigen en -machines, machines voor het heien van palen;
- besturen van hefwerktuigen en het geleiden van de bestuurders ervan met signalen;
- slopen van gebouwen;
- oprichten en afbreken van stellingen;
- las- of snijwerk met de elektrische boog of met de brander in tanks;
- gebruik van schiethamers;
- onderhoud, reiniging en herstel van hoogspanningsinstallaties;
- laden en lossen van schepen;
- snoeien en vellen van hoogstammige bomen en behandelen van rondhout;
- bedienen, in metaalbedrijven, van fabricage- en transportinrichtingen die grote risico’s kunnen vormen voor de veiligheid van het personeel, zoals hoogovens, smeltovens, convertoren en gietijzermengers, smeltpannen, warmwalsen;
- bedienen van coalcars, cokecars en uithaalmachines in cokesfabrieken;
- werkzaamheden met wilde of giftige dieren;
- schilderwerk met loodhoudende verven;
- arbeid met een door machines bepaald werktempo en met prestatiebeloning;
- arbeid met gevaarlijke machines behalve wanneer de machine vast is voorzien van afdoende beschermingsinrichtingen die onafhankelijk werken van de bediener.
- de volgende houtbewerkingsmachines: cirkelzagen, lintzagen, vlakbanken, vandiktebanken, frezen, pennenbanken, kettingfrezen, gecombineerde machines;
- de volgende leerlooierijmachines: walsmachines, pers- en schaafmachines, machines voor het gladschuren, karrewalsen, stolmachines en vacuümdroogmachines;
- de volgende metaalpersen: schroefpersen met wrijvingskoppeling, excenterpersen met mechanische, pneumatische of hydraulische koppeling, hydraulische persen;
- de persen voor het vormen van plastische stoffen;
- de mechanisch bewogen metaalscharen en snijmachines;
- de valhamers.
- De aanwezigheid van jongeren op het werk op de volgende plaatsen:
- plaatsen waar werkzaamheden worden verricht die ernstige branden of ontploffingen kunnen veroorzaken;
- lokalen bestemd voor autopsiediensten, plaatsen in vilbeluiken waar kadavers en krengen behandeld en bewerkt worden, lokalen waar dieren worden geslacht, lokalen waar risico’s bestaan van contact met cyaanwaterstofzuur, plaatsen waar asbestvezels kunnen vrijkomen
Als gevaarlijke machines worden beschouwd:
Jongeren van 18 jaar en ouder
De verbodsbepalingen hierboven zijn niet van toepassing op de studenten-werknemers die 18 jaar zijn of ouder, onder de volgende voorwaarden:
- zij worden niet betrokken bij het besturen van gemotoriseerde transportwerktuigen;
- hun studierichting stemt overeen met de werkzaamheden waarvoor de verbodsbepaling geldt;
- de werkgever vraagt, alvorens de studenten-werknemers tewerk te stellen, het advies van het comité en de preventieadviseur(s) van de diensten voor preventie en bescherming op het werk.
De studenten-werknemers die ouder zijn dan 18 jaar mogen niet-stapelende gemotoriseerde transportwerktuigen met geringe hefhoogte bedienen onder bepaalde voorwaarden (bepaald in Afdeling IV van het KB).
Voor jongeren tussen 18 en 21 jaar zijn ook de volgende werkzaamheden verboden:
- het ondersnijwerk in de bedrijven voor de ontginning van plastische klei;
- de bediening van werktuigen met perslucht en het gebruik van springstoffen in de zandsteen- en marmergroeven en in de groeven voor andere harde steensoorten;
- de afbouw met springstoffen bij de voorbereidende werken in de leisteengroeven.
Meer informatie
De volgende besluiten vind je op de website van de Federale Overheidsdienst Werkgelegenheid, Arbeid en Sociaal Overleg:
- Koninklijk besluit van 3 mei 1999 betreffende de bescherming van jongeren op het werk (PDF, 10 pagina's, 39 kB)
- Koninklijk besluit van 21 september 2004 betreffende de bescherming van stagiairs (PDF, 5 pagina's , 19 kB)
- Koninklijk besluit van 19 februari 1997 tot vaststelling van maatregelen betreffende de veiligheid en gezondheid op het werk van uitzendkrachten (PDF, 5 pagina's, 69 kB)

