Jongeren en arbeidsrisico’s
Een gebrek aan ervaring en een frequentere blootstelling aan gevaar verklaren deels het hoge aantal ongevallen onder jongeren.
Risicogroep
De statistieken van het FAO tonen aan dat in 2007, 4,1% van de slachtoffers van arbeidsongevallen tussen 15 en 19 jaar oud waren. 30,9% was tussen 20 en 29 jaar. Wanneer we deze cijfers naast de tewerkstellingscijfers leggen, valt op dat het risico een stuk hoger ligt voor jongere werknemers dan voor hun oudere collega’s. De groep van 15-19-jarigen maakt immers slechts 1,5% uit van de arbeidsmarkt. De groep van 20-29-jarigen heeft eveneens een verhoogde kans op arbeidsongevallen, zij het in mindere mate.
Uit de cijfers blijkt ook dat hoewel jongeren vaker het slachtoffer worden van arbeidsongevallen, het meestal om lichte ongevallen gaat of ongevallen die slechts een korte arbeidsongeschiktheid veroorzaken.
Europese tendens
Deze tendens beperkt zich niet tot België. De studies van Eurostat tonen aan dat gemiddeld 16,4% van alle arbeidsongevallen in de Europese Unie voorvallen bij werknemers van 25 jaar en jonger. Opgelet: enkel arbeidsongevallen met minstens vier dagen arbeidsongeschiktheid werden meegerekend.
Verklaring
Voor deze hoge cijfers zijn twee verklaringen. De statistieken leggen een duidelijk verband bloot tussen het aantal dienstjaren en een afname van het aantal ongevallen. Het gebrek aan ervaring van de jonge werknemers speelt dus een cruciale rol. Er moeten daarom meer inspanningen geleverd worden op het vlak van onthaal, opleiding en briefing van nieuwe werknemers om het aantal ongevallen naar beneden te krijgen.
Een andere verklaring voor het hoge aantal ongevallen is de toekenning van gevaarlijke taken aan jongeren. De Belgische wetgeving bevat nochtans een lijst met taken die niet door jongeren mogen uitgevoerd worden omdat ze te gevaarlijk zijn. Ook verplicht de regelgeving de ondernemingen om een risicoanalyse uit te voeren en gepaste voorzorgmaatregelen te nemen.
Meer info :
Op de Prevent-website :

